Bernadette Roberts

0

Mieke Berger

Costa Rica, november 2008, bron: Tijdschrift InZicht, inzicht.org
The experience of No Self

Bernadette Roberts met haar ervaring en inzichten is voor mij een van de belangrijkste inspiratiebronnen in het westen geweest. Vooral de sobere bewoordingen en directheid waarmee zij haar ervaringen naar buiten brengt is verfrissend, indrukwekkend en inspirerend tegelijk. In haar vroege jeugd is haar het lijden door ziekte en eenzaamheid niet bespaard gebleven. Zij kan er in nuchtere en heldere termen over vertellen zonder haar lijdenservaringen te dramatiseren. Niemand heeft toen kunnen vermoeden welke transformatie en disidentificatie zich al in haar had voltrokken. Dit proces zette zich voort tijdens haar verblijf als non in het klooster en later na haar uittreding toen zij ging trouwen en een gezin stichtte. Ook in die fase bleef de transformatie aan het zicht van de buitenwereld onttrokken. Ook tijdens mijn bezoek aan haar in Santa Monica kostte het veel inspanning om haar te verleiden tot het spreken over wat ons ten diepste verbindt en wat ik hier maar zal aanduiden met ‘Presence’.

Geen filosofie maar doorleefde ervaring

Wat Bernadette Roberts buitengewoon interessant maakt, is dat zij in onze tijd leeft en getuigt van een ervaring die veel overeenkomsten vertoont met getuigenissen van bijvoorbeeld Meister Eckhart in het Westen of Sri Ramana Maharshi en Nisargadatta Maharaj uit de oosterse Advaita Vedanta traditie.

Wat opvalt is dat ze zonder kennis te hebben gehad van ‘verlichtingservaringen’ van derden een persoonlijk verslag geeft van het door haar afgelegde pad in haar eigen taal en vanuit een Christelijk Katholieke traditie. Zoals ze het zelf zegt:

‘Mijn verhaal is geen filosofie, maar een feitelijk verslag van wat ik ondervonden heb.’

Juist het feit dat zij onder zekere aarzeling en met terughoudendheid haar ervaring naar buiten brengt, maakt haar verhaal indrukwekkend authentiek. Zonder demonstratie, zonder grote claims, maar vooral dus feitelijk en nuchter. Vanuit haar traditie ontkomt zij er niet aan dat zij aanvankelijk vanuit een nadrukkelijk Christelijke visie haar ervaringen moet beschrijven. Als zij uiteindelijk tot voorbij het punt komt waar het haar net als alle andere mystici aan woorden ontbreekt om de paradoxale ‘niet ervaarbare-ervaring’ uit te drukken moet ook zij die traditie verlaten, zonder overigens in een andere terecht te komen.

Als voorbeeld van haar krachtige en directe taalgebruik het volgende citaat:

Alleen door geen enkele waarde toe te kennen aan een ervaring, was ik in staat er de echtheid of onechtheid van te zien. Wat onecht, vals is, duurt nooit voort en valt uit zichzelf weer weg. Wat waar is, is blijvend. Omdat waarheid niet komt en gaat, is het er altijd. Zolang onze ervaringen komen en gaan en zolang we er belang aan hechten met onze gedachten, emoties en waarden, zullen we er nooit enige waarheid in ontdekken. Want waarheid blijft over als er geen ervaringen meer zijn.

Eindpunt van haar reis is ‘het ervaren van de staat van Niet-Zelf’. Zij onderkent dat ze in die poging tot uitdrukken eigenlijk alleen verstaan kan worden als haar uitdrukking resoneert met de daarvoor ontvankelijke ontvanger van de boodschap.

Korte levensschets

Bernadette werd op vijfjarige leeftijd ernstig ziek. Tijdens deze ernstige, niet verklaarbare en onbegrepen aandoening werd zij overvallen door gevoelens van eenzaamheid en isolatie. Dat was ook het moment waarop zij de eerste mystieke ervaringen kreeg. Zij verkreeg visioenen en ontving door God geopenbaarde waarheden. God ervaarde zij als een natuurkracht diep in haarzelf en tegelijkertijd transcendent. Nog in haar tienerjaren trad Bernadette in het Karmelietessen klooster om daar tien jaar als non te verblijven. Spoedig na haar intreding kreeg zij ervaringen die volstrekt vergelijkbaar waren met de ‘dark night of the soul’ zoals Sint Jan van het Kruis die heeft verwoord. In die tijd werd zij bevraagd over haar ervaringen tijdens het gebed. Haar reactie was dat zij niets deed: ‘er is slechts stilte.’ Met wantrouwen werd dit bekeken en zelfs geloofde men dat zij door de duivel was bezeten of dat zij was behekst. Het lezen van Sint Jan van het Kruis overtuigde haar echter van de echtheid van haar ervaringen en dat zij mocht vertrouwen in het zo zorgvuldig beschreven pad van de heilige.

Belangrijk is op te merken dat zij een onderscheid maakt tussen het pad van de Christelijke mysticus en het pad van de contemplatie. Bij de mysticus is sprake van een voortdurende heilige gerichtheid op het Goddelijke waarbij veel bijzondere ervaringen zoals visioenen, extase en paranormale ervaringen optreden. Het pad van contemplatie wordt gekenmerkt door rustige, stille concentratie op het Goddelijke, waarbij transformatie als Gods genade neerdaalt in de ziel. Het behoeft nauwelijks betoog dat Bernadette het pad van de contemplatie heeft verkozen. De belangrijkste stap op dat pad is het zonder afleidingen concentreren op het Goddelijke om God te ontmoeten. Pas dan komt het einde van de ‘dark night of the soul’ in zicht.

Na tien jaar verliet Bernadette met toestemming van haar superieuren het klooster om een profaan leven te leiden. Zij ziet dit zelf als een belangrijke stap in het naar buiten brengen van wat haar innerlijk beroert. Er volgt een periode van betrekkelijk onbeduidend leven, zij trouwt en krijgt vier kinderen. Als volledige transformatie zich voltrekt, lost het ego met zijn denkmechanisme en het ‘ik-gericht’ streven in de stof volkomen op. Daarna leidt zij ‘retraites’ waarin ze uiteenzet wat haar ervaring is en hoe het pad is geweest dat zij bewandeld heeft. Voor zover mij bekend leeft en werkt zij nu nog altijd in Santa Monica, California. Van haar hand verschenen drie boeken waarvan het boek ‘What is Self’ uiteindelijk haar innerlijke ervaring naar mijn oordeel het meest indringend beschrijft.

Inzichten

Als Bernadette Roberts over haar ervaringen en inzichten praat, spreekt ze vaak over een ‘doughnut’ als model om een en ander te verduidelijken. Het gat in het midden van de ‘doughnut’ stelt zij voor als de toegangspoort naar het Goddelijke of de niet-vorm. De vorm, het ronde tastbare gedeelte van de ‘doughnut’ kan alleen maar zo bestaan dankzij de niet-vorm en andersom, zij zijn wezenlijk een en niet te scheiden. Langzaam wordt haar aandacht voor- en identificatie met vorm verschoven naar niet-vorm. De vorm wordt kleiner en verliest haar belangstelling. Het gat naar de niet-vorm wordt groter en haar focus wordt meer en meer naar de niet-vorm verlegd. Niet als een bedachte, doelgerichte en bewuste actie, maar veeleer als een onontkoombare beweging in haar bewustzijn, waaraan zij gevolg moet geven. In deze metafoor mag je de tastbare ronde vorm opvatten als het ego en het kleine bewustzijn dat zich voornamelijk bezighoudt met de wereld en toekijkt op zichzelf en daarbij zijn handelen in die wereld beschouwt. Naarmate de ontwikkeling voortschrijdt wordt haar identificatie met haar ego zwakker en verlegt haar aandacht en bewustzijn zich meer en meer richting de beangstigende leegte, het lege gat in de ‘doughnut’. Dat lege ‘zwarte’ gat is vanuit het standpunt van het ego beschouwd een angstprojectie dat er onder meer voor zorgt dat we bang zijn voor de dood. Aan het eind van dit proces van bewustzijnsverschuiving vloeien vorm en niet-vorm samen en is er een besef dat zij en God één zijn. Dit is wat Sri Ramana Maharshi de identificatie met het I-AM zou noemen, het noodzakelijk aanwezige medium dat het mogelijk maakt dat er überhaupt een ego kan bestaan.

Dan komt zij tot de ontdekking dat die staat niet het eind van het pad is doch slechts het begin. Zolang men nog denkt in termen van een God, kan dat alleen nog vanuit een ego (hoe onbeduidend ook) plaatsvinden. God is een ‘man made concept’, een door de mens geschapen idee. Zodra men God achter zich laat, doemt een neutrale staat op: de niet ervaarbare-ervaring, het Zijn. Het Zelf houdt definitief op te bestaan. U ziet woorden zijn telkenmale ontoereikend om deze staat, die strikt genomen geen staat is, te beschrijven. Hoe meer je probeert er woorden voor te bedenken hoe meer je in wezenlijk niet te begrijpen paradoxen terecht komt. Wat uiteindelijk overblijft, is het non-duale mysterie van de ‘leegte’. Non-duaal omdat Zelf, God en de stoffelijke wereld één zijn, geen afzonderlijke grootheden. Alles is opgelost in dat ene en dat ene is het enige dat IS. Dat is wat Sri Ramana Maharshi het I-I noemt.

Voor Bernadette is dat het eindpunt van de lange reis.

  • The experience of No Self, ISBN 791416941.
  • The path to No Self, ISBN 791411427
  • What is Self? ISBN 962399302
Mieke Berger

Wolter Keers heeft Mieke Berger op het pad van Sri Nisargadatta Maharaj gebracht, en ze heeft hem na de eerste introductie veelvuldig bezocht. Het leidend uitgangspunt in werk en leven van Mieke is Advaita Vedanta. Al meer dan 50 jaar concentreert haar werk zich op begeleiding bij zingevingsvragen en het bevorderen van existentieel welzijn.