Bāuls, hun leven, hun poëzie en hun yoga

0

Erik Hoogcarspel

Wijsheidsweb, 5 mei 2019

Heel vaak wordt bij religies en verlossingswegen de nadruk gelegd op het volgen van leefregels, het zich houden aan één of andere discipline, of het zich onthouden van bepaalde handelingen of van bepaald voedsel.

Heel vaak ook krijgt een volgeling de indruk dat het gaat om iets te bereiken of te verkrijgen dat men nog niet heeft. Succes wordt als het ware betaald met inspanning of onthouding. Het doel is het hogere en om daar te komen moet je als het ware klimmen en het gewone achter je laten.

Andere veel voorkomende eisen zijn een absoluut geloof in een heilig geachte tekst, het gebruik van een geheel eigen terminologie van heilige woorden en een basis van overeenstem­ming binnen de groep van gelovigen over de te volgen heilige procedures.

Het ligt nu voor de hand om op te merken dat dit vanzelf spreekt, omdat er immers anders van een religie toch geen sprake kan zijn.
Ik vraag me af of dit wel zo vanzelfsprekend is en ik zal laten zien dat er ook tradities zijn waar men hier anders over dankt. Eén zo’n traditie is die van de Bāuls.

Wat zijn Bāuls?

Het woord “Bāul” betekent zoiets als “idioot”, of “gek”. In een oude passage staat ergens beschreven hoe enkele vrouwen volledig van de kook raakten toen de god Kŗşņa verscheen en er staat: “ze liepen heen en weer als bāuls …”.

Purna Das Baul is performing[1]

Sommige mensen horen overeenkomst tussen het gezang van de Bāuls en het gezang van de Spaanse flamencomuziek. Het woord “flamenco”, schijnt oorspronkelijk te verwijzen naar Vlaamse zeelui, die aardig te keer konden gaan als ze na een zeereis in Spanje aan wal kwamen. De zang- en dans­stijl van de zigeuners maakte op de Spanjaarden zo’n wilde indruk dat ze dit dezelfde naam gaven.

Om soortgelijke redenen kregen de Bāuls hun naam. Ook zij verliezen zich op extatische wijze in hun muziek en dans, ook bij hen is deze muziek een deel van hun leven en een deel van hun religie.

De Bāuls trekken zingend van dorp tot dorp, vrolijk en extatisch. Ze zijn gekleed in oranje kleden, gemaakt uit vele aan elkaar genaaide lappen, net zoals vele andere soorten bedelmonniken[2]. Ze gaan alleen of in kleine groepjes, mannen, vrouwen en kinderen, en dragen eenvoudige muziekinstrumenten met zich mee.

Kenmerkend voor hun muziek is de ektar en de dotar. Zoals de naam aangeeft zijn het respectievelijk een- en tweesnarige tokkelinstrumenten, waarbij de verschillende tonen worden verkregen door de snaren aan te trekken en los te laten. Een variant hierop is de khamak. Daarnaast worden vaak trommels gebruikt, kleine cimbalen en armbanden met belletjes.

Bedelaars

Ektara[3]

Wie wel eens in India geweest is, kent het verschijnsel van de vele bedelaars. Meestal wordt men in India bedelaar uit noodzaak. Vele mensen verliezen in de strijd om het bestaan hun bron van levensonderhoud, vaak door ziekte of een natuurramp en dan blijft er niets anders over dan te gaan bede­len.

Er is in India echter ook een ander soort bedelaars, die uit vrije keuze gaan bedelen en vrijwillig van hun bezittingen en bronnen van levensonderhoud afstand hebben gedaan. Deze keuze is niet ingegeven door luiheid, maar door de innerlijke drang zich terug te trekken uit de alledaagse wereld van begeerte en machtsstrijd en zich geheel te wijden aan het streven naar verlossing.

Verlossing

Wat houdt verlossing eigenlijk in? Een Indiër zou deze vraag zeer on­gebruikelijk vinden, want het begrip verlossing is voor hem vanzelfsprekend. In India ziet men het menselijke leven als een bestaansvorm onder vele andere.

Dieren hebben een andere bestaansvorm dan mensen. Er bestaan ook andere wezens, die we niet kunnen zien omdat ze een geheel andere bestaansvorm hebben dan dieren en mensen. Dit zijn bijvoorbeeld hongerspoken, hellewezens of goden. Hoe verschillend al deze bestaansvormen ook kunnen zijn, ze zijn wel allemaal tijdelijk. Dus ook de hellewezens en de goden sterven.

Reïncarnatie

Een wezen dat sterft verliest zijn bestaansvorm, zijn lichaam. Het komt dan in een tussenstadium, waar vanuit het geleidelijk de geestelijke basis voor zijn volgende bestaansvorm gaat ontwikkelen.

Wat deze volgende bestaansvorm zal zijn, hangt af van de onderbewuste indrukken, die zich in het tussenstadium tussen twee levens manifesteren. Deze onderbewuste indrukken, het karma: vormen de neerslag van emoties uit het verleden.
Elke emotie laat zijn neerslag achter, we kunnen ons bijvoorbeeld nu nog kwaad maken over een onrecht dat ons jaren geleden is aangedaan en o wee als we in opnieuw in een vergelijkbare situatie raken! We vormen dus steeds nieuw onderbewust karma, geestelijk materiaal voor volgende levens.

Deze leer van reïncarnatie brengt met zich mee dat alle wezens eindeloos van het ene leven naar het andere en van de ene bestaansvorm naar de andere emigreren. Er zijn handelingen die gepaard gaan met karma dat leidt naar een bestaan in de godenwerelden, maar ook handelingen die met karma gepaard dat leidt naar een bestaan in een hellewereld. Aangezien het bestaan van een god in India minstens net zo comfortabel is als het bestaan van een god in Frankrijk, noemt men het eerste soort karma goed en het laatste slecht.

Niet bestaan

Geen enkele bestaansvorm is echter voor honderd procent gelukkig, zelfs de goden hebben nog problemen, al was het dan alleen maar, dat ook zij eens moeten sterven en mogelijk in veel ongelukkiger omstandigheden zullen worden herboren.
Beter dan te bestaan is het dus om niet te bestaan. Beter dan goed karma te verzamelen is het om van je karma af te komen. Als we dit kunnen elimineren, dan zijn we vrij van de innerlijke dwang om te worden herboren en hebben we een staat van verlossing bereikt. Deze wordt meestal omschreven als een staat van diepe innerlijke vrede en geluk.

Verlossingswegen

In India vinden we religieuze bedelaars, die hun gehele leven wijden aan het beoefenen van een bepaalde verlossingsweg.
Er zijn vele verlossingswegen. Niet alle stellen als eis dat je je geheel uit de wereld moet terugtrekken. Er zijn ook vele die beoefend kunnen worden door mensen die gewoon een baan hebben en een gezin moeten onderhouden. Deze zijn meestal veel minder intensief en geven dus ook minder snel resultaten, vandaar dat het bestaan als bedelmonnik voor veel Indiërs toch nog een ideaal is en dat men voor deze mensen in het algemeen veel respect heeft. Deze religieuze bedelaars houden zich vaak aan zeer strenge leefregels en beoefenen vaak extreme vormen van ascese.

De verlossingsweg van de Bāuls

Blijheid en extase

Parvati Baul performing[4]

De Bāuls zijn een van de groepen bedelmonniken die geen strenge leefregels hebben en geen strenge ascese beoefenen. Hun verlossingsweg lijkt alleen maar blijheid en extase.

Tagore, één van de meest bekende Indiase dichters, die de Nobelprijs voor literatuur won in 1913, beschrijft in één van zijn boe­ken hoe hij getroffen werd door de eenvoud en eerlijkheid, die hij meende te herkennen in de religie van de Bāuls.

Eén van de meest bekende Bāuls, Lālon Fakir, woonde dicht bij hem in de buurt. In zijn roman Gorh, die werd ge­schreven in 1910, komt een lied van Lālon voor, getitled “Hoe komt en gaat de vreemde vogel naar en van zijn kooi” en in 1915 publiceert hij in een tijd­schrift twintig liederen van Lālon.

Hierdoor ontstond er een ware Bāulrage in Kolkata (Calcutta). Bāuls werden niet langer gezien als merkwaardig uitschot, maar als religieuze en literaire genieën uit het volk.
In het westen is er echter nauwe­lijks iets over hen bekend.

Wat is nu die blije verlossingsweg van de Bāuls? De beste manier om hier wat meer van te weten te komen is te kijken naar wat zij er zelf over zeggen in hun liederen.

als je de wetten van de natuur niet kent
wat voor fakir ben je dan?
de natuur brengt voort en verslindt
en de boot van de ziel vaart volgens de natuur
sommigen noemen je het gereedschap van een smid
anderen noemen je een hoerenzoon
mijn geest, je moet eerst de natuur kennen
midden in de kamer
werkt de smid onophoudelijk bij zijn vuur
Lālon Fakir zegt: “laten we ter zake komen
doe wat je moet doen
en je kunt dit leven te boven komen”.

Roots in the Void blz. 25
Baul singers in performance at Santiniketan[5]

Het gaat de Bāuls dus om de natuur, niet om iets dat boven deze wereld uitstijgt, maar om dat wat zich in deze wereld afspeelt, wat concreet is. Niet iets dat we nog moeten maken, of iets dat ons van hogerhand moet worden geopenbaard, maar iets dat er al is, vlak onder onze neus.
Een ander gedicht is:

Binnen in je is een bodemloze zee
het middelpunt ervan kun je niet kennen
de zee neemt geen heilig pad
het houdt zich niet aan leefregels of discipline
je kan het einde ervan niet bereiken door
erediensten, heilige spreuken en rituelen
omdat we hier niets van weten
verliest ons menselijk bestaan zijn zin
als je de deur ontgrendelt
zal de gehele wereld voor je open staan
Jaga zou verenigd zijn met ware liefde
als hij geluk zou hebben
en de goeroe zijn fouten zou uitwissen

Roots in the Void blz. 24

Contact met het innerlijk

Dat waar de Bāul mee in contact wil komen, ligt dus niet zozeer buiten de mens als wel in het innerlijk. Als we een innerlijke deur weten te ontgren­delen, dan staat de gehele wereld voor ons open.
Dit open contact tussen de mens en zijn wereld wordt “ware liefde” genoemd. Deze laat zich niet maken, zij komt uit zichzelf en kan voortkomen uit de inspiratie van de goeroe, de leraar die zelf dit einddoel al heeft bereikt.

Uw pad wordt versperd door tempels en moskeeën
ik hoor u roepen, heer, maar ik kan niet komen
want zovele goeroes dwarsbomen mij
als water dat moet verkoelen
het lichaam dat erin duikt brandt
wat kunt u daaraan doen, goeroe?
uw unieke weg heeft zich helaas verloren in vele zijwegen
uw deur is gesloten met zovele sloten:
hindoegeschriften, Koran, rituelen en gebedssnoeren
al deze dwaalwegen zijn om gek van te worden
schreeuwt Madon in bittere wanhoop

Roots in the Void blz. 41

Hier horen we een duidelijk protest tegen de geïnstitutionaliseerde vormen van religie. Dit lied geeft bovendien aan dat de Bāuls niet de conventies verwerpen omdat deze niet belangrijk zijn of tot het verleden behoren, maar omdat zij deze conventies en instituties als belemmeringen beschouwen.
Merk ook op dat in dit lied de devotie of zelfovergave op de voorgrond staat.

Lālon is the most celebrated Baul saint in history

Mijn geest je moet de geheimen van je lichaam leren
alleen dan kun je Hari in gedachten leren houden
in welk uiteinde ligt Vrindavan,
in jou oosten, westen, noorden of zuiden?
hoeveel lotusbloemen zijn er?
op welke lotus verblijft welke maan?
op welke wordt Radha geboren, op welke Kŗşņa?
en nog een vraag, mijn geest:
hoeveel mannen en vrouwen wonen daarin?
wie slaapt er wanneer en wie stuurt hun dromen?

Roots in the Void blz. 77

Natuur in het lichaam

De natuur die we moeten leren kennen is niet alleen om ons heen en in onze geest, zij is ook, en misschien wel vooral, in ons lichaam. Het lichaam waarvan hier sprake is, bestaat niet uit vlees en bloed, het heeft een eigen structuur, waarbij er lotusbloemen zijn die een soort knooppunten vormen. Het is niet het materiële lichaam dat het object is van de medische wetenschap, maar het existentiële lichaam.
Het is de manier waarop we in ons vel zitten, waarop we bewust en onbewust ons lichamelijk bestaan beleven. Dit lichaam is een microkosmos, met de vier windstreken, met manen, waar ook de goden geboren worden.
Hari is een andere naam voor Kŗşņa, Vrindavan is de be­langrijkste pelgrimsplaats, het Rome van de Kŗşņa-religie. Alhoewel de Bāul religieuze instituties verwerpt, heeft hij er klaarblijkelijk geen moeite mee om wel de beelden en voorstellingen van die instituties te gebruiken.

Drie kanalen of rivieren

Weet je niet wat de wind zegt?
welke melodie speelt de wind?
welke melodie speelt hij?
wind en golven bewegen het organisme van de aarde
soms is de wind van binnen, soms is hij buiten
de wind beheert de golven terwijl zij stromen
door het ontmoetingspunt van drie rivieren
[ik spreek hier van de drie nimfen]  vijf rimpels vermengen zich met de wind
je kunt geen fakir worden als je de kleur van de wind niet kent

Roots in the Void blz. 78
Baul musicians before a performance[6]

Voor een buitenstaander is dit een onbegrijpelijk gedicht. Wat zijn de drie nimfen, wat is de kleur van de wind, hoe kan de wind ook van binnen waaien? Klaarblijkelijk is het bekend zijn met de “kleur”, de ervaring van de wind die van binnen waait heel belangrijk.

Deze wind draagt vijf rimpels, dit zijn onze vijf zintuigen. De wind in het lichaam doet het lichaam functioneren, maar draagt ook ons bewustzijn, het water, de golven van aandacht. Deze stromen door drie rivieren die gesitueerd zijn in het midden van het lichaam.
De middelste rivier loopt van de kruin recht naar beneden tot halverwege de buik. Links en rechts ervan lopen beide andere. Deze beginnen elk in een neusgat, komen met een boog naast de middelste rivier en aan het einde ervan sluiten ze erop aan. Daar is het ontmoetingspunt waarvan wordt gesproken.

Hier vallen twee dingen op. Ten eerste heeft de verlossingsweg iets te maken met speciale ervaringen, die weer te maken hebben met een innerlijke structuur van het lichaam met drie kanalen of rivieren en, zoals we gezien hebben ook met lotusbloemen en manen. Klaarblijkelijk is er een psychofysische wind of adem in het lichaam die deze ervaring mogelijk maakt. Ten tweede blijken de liederen soms een geheimtaal te bevatten die voor buitenstaanders totaal onbegrijpelijk is. Deze geheimtaal, meestal associatieve taal genoemd, heeft in India een lange traditie.

In mijn spiegelstad woont een buurman van me
ik heb hem nog geen dag gezien
de stad is omgeven door water
en er is geen spoor van een oever of een boot
ik zou hem graag willen zien
maar hoe kom ik bij hem?
hoe moet ik mijn buurman beschrijven?
hij heeft geen hoofd, geen hals en geen handen
soms bevindt hij zich in leegte
en soms drijft hij op het water
als mijn buurman me zou aanraken
zouden al mijn problemen verdwijnen
hij en Lālon leven op hetzelfde adres
maar toch miljoenen mijlen van elkaar

Roots in the Void blz. 27

De spiegelstad

De spiegelstad is één van de 6 tot 10 lotusbloemen, de knooppunten in het lichaam waar de wind wervelt.
De meeste van die lichaamslotusbloemen liggen in het centrale kanaal, deze echter is gelegen in het voorhoofd boven de neus, tussen het linker en rechter kanaal.

De Bāuls doen allerhande lichame­lijke en innerlijke yogaoefeningen.[7]
Eén ervan is het concentreren van de aandacht op deze plek, waardoor de innerlijke wind zich daar verzamelt. Vanwege de ervaring die hierbij ontstaat wordt deze plek dus spiegelstad genoemd.

Het subtiele systeem[8]

Op deze plaats woont een heet bijzondere persoon, een inner­lijke buurman, die alle problemen doet verdwijnen. Hij wordt ook vaak “de innerlijke mens” genoemd. We zouden hem, of haar, ook de innerlijke goeroe kunnen noemen, maar het zou een vergissing zijn om ons deze buurman als persoon voor te stellen, want hij heeft geen handen en geen hoofd.

Transformatie

Het is een innerlijke kracht die in ons woont en altijd al heeft gewoond en die de sleutel vormt tot de verlossing. Het gaat er de Bāuls om deze innerlijke kracht te bereiken.
Deze kracht wordt ook wel “sahaja” genoemd. Dit woord betekent letterlijk “aangeboren”, niet in de zin van “erfelijk”, maar in de zin van “je hoeft er niets voor te doen, je hoeft het niet te leren”, daarom betekent het In het dagelijkse spraakgebruik ook wel “vanzelf, moeiteloos”.
Het is daarom niet zo verbazingwekkend dat de Bāuls niets moeten hebben van rituelen, strenge leefregels of ascese, want hoe zou je door kunstmatig of moeilijk te doen, iets kunnen vinden dat er al is?
Misschien wordt de yoga van de Bāuls in het volgende vers nog het beste uitgelegd.

Mijn geest, herken je natuur
herken wat je natuur is, oefen jezelf
de begeerten van het lichaam zullen zo worden getransformeerd
keer ondersteboven
wat in de zes blaadjes is
als dat naar de twee blaadjes gaat
zal het licht opflitsen
dan zal er een einde zijn aan het kwaad
begeerte zal dan zelfovergave zijn
breng naar de duizend blaadjes
wat in de wortelhouder is
je zult naar de oevers van de Viraja gaan
daar zal er met haar vereniging plaatsvinden
deze jonge, wulpse, zeer zinnelijke gestalte
die zulke zoete begeerte heeft gegeven aan een wezen
brengt hem tot de nabijheid van Kŗşņa
Rupchand zegt: “zelf,
ga en grijp dit zelf eerst
in dat zelf zul je te zien krijgen
dat wat eruit ziet als het licht van tien miljoen manen

Platenhoes “Indian Street Music”
Tharundas Baul[9]

Dit lied gaat over transformatie en herkenning. De verlossing komt niet door je af te keren van de begeertes en het lichaam, maar door ze te trans­formeren, anders te gebruiken. Daartoe moet er eerst een zelfherkenning plaatsvinden. Hiervoor moeten we de lichaamswind die zich bevindt in de lotusbloem met zes blaadjes, ter hoogte van de navel, van richting veranderen en naar de lotus met twee blaadjes, in het voorhoofd, brengen.

Een andere manier is om de lichaamswind te bundelen in de wortelhouder, de onderste lotus, waar de drie kanalen samenkomen, deze vervolgens te laten opstijgen door het middelste kanaal en haar te verenigen met het principe van bewustzijn in de lotus met de duizend bloemblaadjes in de kruin. Dan volgt er letterlijk verlichting: het zien van het licht van tienmiljoen manen.

Liefde bedrijven

Niet alleen speelt de lichamelijkheid een belangrijke rol bij de yoga van de Bāuls, zelfs de liefde hoort er bij, maar onder zekere voorwaarden. De liefde bedrijven en aan je begeertes toegeven geeft in het algemeen geen aanleiding tot het bereiken van de verlossing. Als dat zo was dan was iedereen al lang verlost!
Het gaat erom eerst een geestelijk niveau te bereiken, waar vanuit de dingen op een andere manier worden beleefd. Zonder dit niveau krijgt men met liefde en begeerte alleen maar meer problemen.

bedrijf de liefde niet gedachteloos
liefde is als het sap van de doerian:
als het plakt laat het niet meer los
vanwege de liefde moest Shiva op begraafplaatsen wonen
ook vanwege de liefde werd Gora bedelmonnik
Nimai van Nodia Gita Govinda, Padmavati, dit zijn er nog maar enkele

bedrijf de liefde niet gedachteloos
liefde is als het sap van de doerian:
als het plakt laat het niet meer los
de yoga van de liefde is verborgen als de bloem van een vijg
of, mijn vriend, als de wortels van de glimmende kruipplant
als je het geheim van de liefde niet kan ontdekken, luister:
het is een vergissing die iedereen naakt
je kent de regels van de liefde niet
en als je de liefde bedrijft
wordt het het tegenovergestelde en geeft later pijn
zoals een mier die in de zwarte melasse valt
en zich zelfs niet meer kan bewegen

bedrijf de liefde niet gedachteloos
liefde is als het sap van de doerian:
als het plakt laat het niet meer los
de zoon van een brahmaan en maakte zich zeer ten schande
nadat hij verliefd was geworden waste hij de voeten
van de dochter van een wasbaas en dronk het water
als je bij liefde probeert te discrimineren naar kaste
zul je nooit een stukje van de maan krijgen
als je de liefde hebt bedreven, laat het dan niet meer gaan
bedrijf de liefde niet gedachteloos
liefde is als het sap van de doerian:
als het plakt laat het niet meer los

Platenhoes “The Bengal Minstrel”

Wie het geheim van de liefde en van andere begeertes kent, heeft een bijzondere kunst ontdekt: hij of zij is als iemand die gaat zwemmen en niet nat wordt.

Zoals mijn vlechten nu zijn, zo zullen ze blijven
ik zal mijn vlechten niet nat maken,
ik zal mijn haar droog houden
ik ga rondzwemmen van deze oever naar de andere
ik zal het water ingaan, ik zal het in het rond spatten
ik zwem van deze oever naar de andere heen en weer
zoals mijn vlechten nu zijn, zo zullen ze blijven
ik zal mijn vlechten niet nat maken,
ik zal mijn haar droog houden
ik zal plezier maken, maar niet lijden als gevolg daarvan
ik zal koken en opdienen, lekkere maaltijden opdienen
maar ik zal de pot niet aanraken
zoals mijn vlechten nu zijn, zo zullen ze blijven
ik zal mijn vlechten niet nat maken,
ik zal mijn haar droog houden mijn goeroe Rasaraj zegt: “luister, stadse vrouw
ik kan deze pracht niet beschrijven.
ik zat niet trouw blijven, maar ook niet ontrouw worden
niettemin zal ik mijn echtgenoot niet verlaten
zoals mijn vlechten nu zijn, zo zullen ze blijven
ik zal mijn vlechten niet nat maken,
ik zal mijn haar droog houden

Platenhoes “The Bengal Minstrel” & Roots in the Void blz. 66

De herkomst van de ideeën van de Bāuls

Mondelinge volkstraditie

Artist Jhokan Das[10]

De leer van de Bāuls is niet systematisch en er zijn zelfs tegenstrijdige elementen aan te wijzen. Enerzijds leggen sommigen de nadruk op devotie, of overgave, maar anderen juist op de yoga. Het is duidelijk een samensmelting van verschillende verlossingswegen.

De traditie van de Bāuls is een mondelinge volkstraditie die vele verdwenen tradities uit vroegere tijden in zich heeft opgenomen en bewaard. We vinden er de terminologie en de psychologische inzichten, vooral op het gebied van de liefdesmystiek van de vishnuïtiese Sahaja-beweging uit de 17e en 18e eeuw We vinden er de invloed van de Soefi bewegingen die zich sinds de 13e eeuw in Bengalen begonnen te ont­wikkelen.

Nāths

Belangrijke elementen uit de hatha-yoga traditie van de Nāths, groepen yogi’s, die nu nog over geheel India verspreid te vinden zijn, komen we ook bij de Bāuls tegen. De Bāuls leggen echter niet zo sterk het accent op lichamelijke training. Ook de Nāths plachten echter te zingen en te dansen.

Mahāsiddhas

De belangrijkste voorlopers van de Bāuls waren ongetwijfeld de boeddhistische zwervende yoga-adepten, de zogenaamde “mahāsiddhas” (letterlijk “zij die in het alomvattende [werk]geslaagd zijn”) uit de tiende tot de dertiende eeuw.
Hun ideeën en yogamethoden lijken in vele opzichten op die van de Bāuls. Hun liederen, “caryagīti” genoemd, vormen de eerste teksten in de Bengaalse taal. Ook zij beschreven hun spirituele ervaringen in een geheimtaal of associatieve taal.

In de leer bij de Bāuls?

Als we de religie van de Bāuls zouden willen navolgen, dan zouden we waarschijnlijk voor dezelfde problemen komen te staan als Alexander de Grote in 327 v.o.j., toen hij in India informeerde naar de wijsheid en leer van de yogi’s.

Hij stuur­de voor dit doel een leerling van Diogenes de Cynicus op enkele yogi’s af.
De eerste yogi antwoordde dat als de koning wat meer van zijn leer wilde afweten, dat hij dan zijn kleed maar moest afleggen om samen met hem naakt en bede­lend door het land te trekken.
Een andere schudde glimlachend het hoofd en merkte op dat er vanwege de taalbarrière weinig kans was om iets behoorlijk uit te leggen (het gesprek ging via twee vertalers).

Er is sinds die tijd weinig veranderd. Zelfs al spreek je Bengaals en leer je alle liedjes uit je hoofd, je moet toch in jezelf op zoek gaan naar de betekenis ervan.
Er zal voor Westerlin­gen weinig anders over blijven dan een eigen Bāultraditie te ontwikkelen. Aan aanknopingspunten ontbreekt het niet, er zijn religieuze idioten genoeg.
De vraag is echter of dit soort mensen in het westen ooit de dich­terlijke eenvoud en humor zullen ontwikkelen van de Bāuls.

  • Chakravarti, S.C. (1980). Bāuls: the spiritual Vikings. Kolkata: Firma KLM Private Limited.
  • Dasgupta, A. (1983). Roots in the Void: Baul Songs of Bengal. [vert. M.A. Dasgupta] Kolkata: South Asia Books.
  • Dasgupta, S. (1946). Obscure Religious Cults, in relation to Bengali literature. Kolkata: University of Kolkata.
  • Dimock, E.C. jr. (1966). The Place of the Hidden Moon. Chicago: University of Chicago Press.
Grammofoonplaten
  • Indian Street Music: The Bāuls of Bengal H-72035
  • The Bengal Minstrel: Nonesuch Explorer Series.
Noten

[1] Bron: Purna Das Baul
[2] De Indiase traditie dat mensen die zich uit de maatschappij teruggetrokken hebben in het oranje gekleed gaan, is overigens ook de aanleiding geweest voor Sri Rajneesh om zijn volgelingen in het oranje te laten lopen. Er zijn in India ook soorten bedelmonniken die zich niet aan deze gewoonte houden.
[3] Bron: Ektara, common accompaniment of Baul Gaan “Songs of Baul”
[4] Bron: Parvati Baul performing at Bharat Bhavan Bhopal, India 2017.
[5] Bron: Baul singers  in performance at Santiniketan, India.
[6] Bron: Baul musicians before a performance
[7] “Yoga” betekent training. Innerlijke yoga wordt vaak “meditatie” genoemd. Dit is eigenlijk onjuist, omdat het woord “meditatie” eigenlijk zoiets betekent als “inhoudelijk bespiegeling”. Bij innerlij­ke yoga gaat het uitsluitend om allerhande concentratieoefeningen, er is geen inhoud of betekenis waarover wordt nagedacht.
[8] Bron: De spiegelstad
[9] Bron: Tharundas Baul, baul singer performing at Kollam
[10] Bron: Artist Jhokan Das from Birbhum, West Bengal, India

Erik Hoogcarspel

studeerde hedendaagse continentale filosofie in Groningen, richtte een boeddhistisch meditatiecentrum op en studeerde Aziatische filosofieën en religies. Hij doceerde hindoeïsme aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Tijdens zijn werk als docent en leraar schreef hij studieboeken voor zijn studenten en columns. Hij praktiseert meditatie en taiji quan.